Monastieke spiritualiteit en palliatieve zorg

Na mijn studies godsdienstwetenschappen verbleef ik enkele jaren in een klooster in België en in India. Mensen vragen wel eens: Wat heb jij daar geleerd?’

Een monastieke leerschool
Ik koos voor de stilte en de eenzaamheid vanuit een verlangen naar oneindigheid, vanuit een heimwee en honger naar het onnoembare. Het vele nadenken over God, tijdens mijn studie, kon mij geen vervulling schenken. Toen ik daarna, via zen meditatie een innerlijke werkelijkheid ontdekte voorbij alle denken, voelde ik me steeds meer thuis komen. Dit trok mij aan, deze innerlijke ruimte wou ik verder exploreren. Ik koos voor het monastieke leven en liet alles los, mijn vrijheid om te gaan en staan waar ik wou, familie en vrienden, reizen en plezier, al het vergankelijke om op zoek te gaan naar het onvergankelijke. Het was geen gemakkelijke keuze, mijn ego stribbelde lang tegen maar de trekkracht van mijn ziel was sterker.

Geestelijke training in bewust leven, bewust sterven
Deze kloosterjaren heb ik ervaren als een geestelijke training in bewust leven, bewust sterven. Het monastieke leven wierp mij in het diepe, waar ik in contact kwam met onbekende lagen van angst, onzekerheid, somberheid. Mijn gebruikelijke afweermechanismen om alle ongemak te vermijden, werkten niet meer. Ik kon niet meer vluchten, ik moest erbij blijven. Dit gaf mij vaak de ervaring van een stukje sterven, want ik kon mij aan niets meer vastgrijpen, geen troost, geen houvast. Ik kon alleen maar ademen en zijn, bewust-zijn in het hier en nu. Meditatie en gebed gaven mij echter de kracht om erbij te blijven, om te wachten in de leegte.

Leegte wordt liefde
Mijn monastieke jaren hebben mij een diep vertrouwen geschonken in een oneindige liefde. Na elk kleine sterven waren er telkens weer de onverwachte momenten van innerlijk opgetild worden uit de wanhoop, van gedragen worden in mijn onmacht. Genade momenten van nieuwe veerkracht en bewust leven. De ervaring van grondeloosheid werd dragende grond. Leegte werd liefde, me één voelen in mezelf en me verbonden voelen met anderen. Het vertrouwen in het onvergankelijke, in leven na de dood, heeft me sindsdien nooit meer verlaten.

Een oneindige liefde
Samen met Jacomien Marinussen geef ik momenteel palliatieve leerroutes in ‘bewust leven, bewust sterven’. Ik ben er van overtuigd dat we veel kunnen leren van de  monastieke wijsheid. Monniken kiezen er vrijwillig voor om alles los te laten, om de woestijn in te gaan. Maar mensen met de dood voor ogen worden plotseling in het diepe gegooid, waar alles  wegvalt. Ze komen terecht in een woestijn van verwarring, onrust, angst. Hoe hiermee omgaan? Wat gebeurt er? Mensen die geconfronteerd worden met de dood, mensen met een levensbedreigende ziekte en hun naasten, hunkeren naar inzicht en liefde. Er ontbreekt houvast, een duidelijke route, een zicht op wat verder ligt. Dit maakt mensen dikwijls  eenzaam. Ze raken aan een oneindige droefheid omdat men het vergankelijke leven moet loslaten.Tegelijkertijd verlangen ze naar iets onvergankelijk, naar verder leven, naar eeuwig leven. Hoe verbind je deze twee uitersten? Hoe kan je rechtop blijven in dit spanningsveld? Hoe ga je om met leven en sterven? De monastieke wijsheid kan hier inzicht en richting geven. Monniken die de stilte bewonen,  kunnen ons leren om contact te maken met de innerlijke stilte. Daar zullen we een leegte ontdekken die liefde is, een onvergankelijke liefde sterker dan de dood. De vreugdige en profetische paus Franscisus zegt het heel mooi: ‘Onze oneindige droefheid geneest slechts door een oneindige liefde’.

Gepubliceerd op door Ria Weyens

Onderwerp